Carl Slotboom

Carl SlotboomCarl Slotboom (Zutphen, 17 januari 1949) studeerde operazang aan het conservatorium van Amsterdam bij de sopraan Corrie Bijster en nam toneellessen aan de toneelschool van, de destijds bekende, TV-acteur Ben Aerden. Daarna volgde hij 2 jaar privé zanglessen in Lippe Detmold (Duitsland) en zong vervolgens als operettetenor aan het Stadttheater van Sankt Pölten in Oostenrijk. Tegelijkertijd studeerde hij aan het conservatorium van Wenen, bij Kammersängerin Hilde Zadek. Naast zijn studie operazang volgde hij lessen in de klas voor operette, musical en singspiel.

Tevens volgde hij in Wenen een theateropleiding in de breedste zin van het woord en kreeg acteerlessen van Oskar Willner en Robert Werner, die verbonden waren aan het Volkstheater en het Burgtheater.
Tijdens zijn studie zong hij als gasttenor vele concerten, musical en operette. Als barbier in “Der Mann von La Mancha”, een productie van het Stadttheater Sankt Pölten, was hij te zien op de Oostenrijkse televisie. Onder regie van de beroemde tenor Kammersänger Waldemar Kmentt, zong hij Fenton in “Die lustigen Weiber von Windsor” en gasteerde in de Opera-studio van de Weense Staatsopera als Scaramuccio in “Ariadne auf Naxos” van Richard Strauss.

Na zijn eindexamen in 1978 zong hij een aantal maanden bij de Hoofdstad Operette in Amsterdam en van 1979 tot 1984 zong hij als eerste tenor in het koor van de Nederlandse Opera. Tijdens zijn werkzaamheden bij de Nederlandse Opera gasteerde hij bij vele amateur operetteverenigingen in Nederland.

Nadat hij om gezondheidsredenen met zingen moest stoppen, heeft hij 12 jaar als hypnotherapeut gewerkt en specialiseerde zich in de incestproblematiek. Zijn incesttherapie, die de basis vindt in de Speyer-therapie, werd in de jaren tachtig behandeld aan de Hogeschool van Amsterdam. Daarnaast behandelde hij alle problemen waarmee een hypnotherapeut doorgaans geconfronteerd wordt. Hoewel zijn praktijk officieel gesloten is, worden er zeer regelmatig nog cliënten behandeld.
Tevens gaf hij cursussen psychologie, para-psychologie en hypnose, lezingen en demonstraties. Daarnaast verdiepte hij zich in de filosofie en religies. Bij de Telefonische Hulpdienst in Amsterdam was hij 6 jaar lang een luisterend oor.

In 1984 schreef en regisseerde hij op verzoek en met subsidie van de Stadsdeelraad Amsterdam Noord een kindermusical. Daarna regisseerde hij operettes en sinds 15 jaar houdt hij zich uitsluitend bezig met het regisseren van toneelgroepen.

Sinds 1994 schrijft hij toneelstukken en hij behoort sinds een aantal jaren tot één der meest gespeelde auteurs in Nederland. Maar ook in Engeland, Duitsland, België, Zwitserland, Oostenrijk, Canada en in Amerika worden zijn stukken voor het voetlicht gebracht.

In februari 2009 debuteerde hij met de literaire roman “De man die zich mijn vader noemde”, die één van de vier genomineerden was voor de AKO Nieuwe Schrijversprijs 2008-2009.

Carl is sinds 1973 getrouwd met Anja, die veel denkwerk verricht als er weer een toneelstuk geschreven moet worden en die tevens de contacten met de uitgevers onderhoudt. Dochter Danielle woont, samen met haar man Mike en 2 kinderen, op steenworp afstand. Ze schrijft als freelance-journaliste voor o.a. “Groter Groeien”, “You Medemblik” en “Mijn Geheim”.
Op 23 november 2004 werd kleindochter Benthe Anja geboren en op 25 maart 2009 kwam Mara Irma.
Na jarenlang in Amsterdam gewoond te hebben, wonen Anja en Carl sinds 1997 in het Noord Hollandse dorp Abbekerk.

(bron: www.carlslotboom.nl)